Pleun Ketelaars groeide op als burgermeisje, maar had op jonge leeftijd al interesse in de koeienwereld. Tien jaar geleden kwam ze op de boerderij van Rob werken. “De vonk sloeg snel over en ik ben ik nooit meer weggegaan.”
Pleun groeide op in Venray, als paardenmeisje. Op haar vijftiende vond ze een bijbaantje bij een koeienboer, een dorp verderop. Ze was daar zo enthousiast over, dat ze naar de agrarische school ging en in de koeienwereld ging werken. “In 2016 leerde ik Rob kennen. Vanwege bedrijfsverplaatsing door de komst van een industrieterrein was Rob op zoek naar een werknemer. Zo kon zowel de locatie in Vinkel als de nieuwe locatie in Overasselt draaiende blijven tijdens de bouw van de nieuwe stal in Overasselt. Ik begon in het voorjaar van 2016 als boerin in Vinkel. Er stonden destijds 130 koeien in Vinkel en 90 in Overasselt. In december van dat jaar was de nieuwe stal af en is alles deze kant opgekomen.”
Inmiddels is het stel tien jaar samen en hebben ze een druk bestaan met 215 koeien en vier kinderen van 8, 7, 5 en 3. “Sinds de kinderen er zijn, ben ik vooral vliegende kiep. De drie oudsten zitten op de basisschool en breng ik naar school, korfbal, zwemles, voetbal en speelafspraakjes. Overdag ben ik met de jongste huis. Daarnaast doe ik de huishouding, de boekhouding en werk ik mee op het bedrijf. Het is hier altijd druk. Zeker in de zomer, omdat we het landwerk zelf doen. Ik hou alle ballen hoog door vooral rustig te blijven. Als ik binnen ben met de kinderen weet ik ook niet precies wat er achter gebeurt. Het is dus heel belangrijk dat Rob en ik goed communiceren.”
Meer weten? Lees het volledige artikel in Boerderij.
Foto: Van Assendelft fotografie